Expeditie micro:bit + licht en geluid = Code Music!


Stichting FutureNL

Expeditie micro:bit + licht en geluid = Code Music!
Met expeditie micro:bit heb je geleerd hoe programmeren werkt. Daar kunnen scholen nu een flinke dosis creativiteit, licht en muziek aan toevoegen met het nieuwe lesmateriaal Code Music! Met dit muzikale broertje van de micro:bit kunnen leerlingen als een echte dj geluid en licht programmeren met behulp van neopixels.

Ehm, wat zijn neopixels?!
Neopixels zijn ronde schijfjes met kleine LED-lampjes erin. Voor Code Music gebruiken we neopixels met 12 lampjes die je met de micro:bit kunt aansturen zonder dat daarvoor een extra batterij nodig is. Je kunt ieder lampje apart programmeren: je kiest zelf hoe vaak en hoe lang een lampje brandt en welke kleur het moet hebben.

Kijk:

Lesmateriaal
Code Music bestaat uit 5 uitdagende lessen, een projectboek voor de leerlingen, een ondersteunende digiboard-les en een handig lesplan voor leraren. Daarnaast heb je een computer met internetverbinding nodig, een digi-klooikoffer met micro:bit (voorkeur 1 per 2 leerlingen) en een een neopixel. Al het lesmateriaal van Code Musics is as usual weer gratis beschikbaar op LessonUp.

De eerste tien leerkrachten die zich aanmelden voor een workshop ‘Digitale geletterdheid in de klas’ door een e-mail te sturen aan info@futurenl.org krijgen 15 neopixels cadeau ter waarde van 158 euro!.

Made in Breda
Code Music is ontstaan en made in Breda. Daar gaan scholen met Code Music aan een heuse challenge meedoen. De top 3 van scholen die muziek, licht en performance het meest creatief met elkaar combineren, winnen de challenge. Zij krijgen op de 538 Koningsdag als echte VIP’s een meet en greet met een wereldberoemde DJ!

Maak je er net als Breda ook een feestje van? Veel plezier!


BAM! FEEST! FutureNL wint Timmie award


Stichting FutureNL

BAM! We hebben de TIMMIE award The most Innovative Ecosystem / The most Innovative New Kid gewonnen voor ons nieuwste lesmateriaal PITCH IT! Deze is voor alle leerkrachten en kids in NL die ons lesmateriaal gebruiken en beter maken!

Feest @CIO Dinershow
De jury had ons in februari genomineerd als kandidaat voor de TIMMIE Awards (The Innovation Manager Awards door CIO Magazine). Daarna moesten we onszelf pitchen waarbij we goed gebruik hebben gemaakt van ons eigen lesmateriaal PITCH IT! 😉 Gisteravond zijn alle winnaars bekendgemaakt tijdens de CIO Dinershow in De Orangerie in ‘s-Hertogenbosch. Het was een groot feest met allemaal ondernemers die ‘innovatief’ als middle name hebben.

Waarom wij?
Een belangrijk criterium was “of onze dienstverlening onderscheidend is dan wel voorop loopt ten opzichte van wat in de markt gebruikelijk is”. Ja! zei de jury. Daar zijn we supertrots op! Nog trotser zijn we op SLO (Stichting leerplanontwikkeling), TU Delft en Openbaar Onderwijs Groningen. Samen met hen hebben we een leerlijn digitale geletterdheid ontwikkeld die de kapstok is voor al het bestaande lesmateriaal in Nederland, gratis beschikbaar in LessonUp. Dus deze TIMMIE is ook voor jullie!

En hoezo vooroplopen?
De behoefte aan lesmateriaal rondom digitale vaardigheden is ongekend hoog. Volgens leerkrachten is dit de belangrijkste basisvoorwaarde om verder aan de slag te kunnen met digitale vaardigheden in de klas. Omdat dit onderwerp nog niet verplicht is in het curriculum van basisscholen wordt er door de reguliere uitgevers nog niet in geïnvesteerd. Wij kunnen dat wel doen dankzij onze funding partners. Dus deze TIMMIE is ook voor jullie!

Oh ja, en de TIMMIE is dus ook voor onszelf, daar gaan we nu even van genieten 🙂

Leren coderen bij de provider van je ouders?!

Stichting FutureNL

Leren coderen bij de provider van je ouders?!

Dat kan! KPN gaat als nieuwe partner dit jaar 50 schoolklassen met leerlingen van groep 7 en 8 leren programmeren met School of Code. Leerlingen van voornamelijk Amsterdamse scholen gaan komend jaar met de bus naar het kantoor aan de Teleportboulevard van KPN om daar aan de hand van ons lesmateriaal te leren coderen, programmeren en hacken.

Één keer per maand nodigt KPN op vrijdag een aantal basisscholen met groep 7/8 uit voor School of Code. Daar staat een team met coaches van KPN klaar om de kinderen kennis te laten maken met de oneindige mogelijkheden van de online wereld.

Ze maken hierbij gebruik van onze digi-klooikoffer met de micro:bit. De les duurt zo’n 2,5 uur en aan het einde heeft iedereen ook echt iets gemaakt. Ook krijgen de schoolklassen een uitgebreid informatiepakket van FutureNL om een r een vervolg aan te kunnen geven.

Bouke Hoving van KPN en onze eigen Ronilla Snellen zijn superblij met de samenwerking, ze hebben hem immers zelf gesmeed 🙂 Ze zien namelijk hoe ongelooflijk nodig en leuk het is om kinderen digitaal slimmer te maken. Slimmer dan alle ouders in elk geval, daar gaan we voor!

Oh ja!
Alle 50 klassen die meedoen krijgen de kans om mee te doen aan een Minecraft-event in de Amsterdam Arena op 23 juni in het kader van We Make the City. Dan gaan in totaal 500 kinderen met 500 laptops op de middenstip van de Arena met Minecraft meebouwen aan Amsterdam-Zuidoost. Nog een hele goede reden dus om mee te doen aan School of Code!

Launch nieuw lesmateriaal PITCH IT: Pimp je spreekbeurt!

Stichting FutureNL

Vandaag lanceren we samen met Stichting Jong Ondernemen supertof nieuw lesmateriaal: ‘PITCH IT! Pimp je spreekbeurt en word een pro in presenteren’. Want wie wil nou niet een spreekbeurt houden waar je publiek stijl van achterover valt? Kinderen leren onder andere werken met PowerPoint, Prezi en Keynote. PITCH IT! is daarmee het eerste gratis lesmateriaal in Nederland dat speciaal gericht is op ICT-basisvaardigheden.

Yes! Meteen naar het lesmateriaal op LessonUp

Jezelf presenteren
Jezelf of je idee goed presenteren is een belangrijke vaardigheid in je latere werkende leven. Bijvoorbeeld als je solliciteert naar een bijbaantje. Ondertussen hebben leerkrachten nog steeds een enorme behoefte aan lesmateriaal over digitale vaardigheden, zoals ICT-basisvaardigheden. Met PITCH IT! hebben we the best of both worlds gecombineerd.

21st century skills
Met PITCH IT ontdekken leerlingen waarom presenteren handig is. Ze leren een spreekbeurt maken met behulp van hun passie en creatiekracht en oefenen met voor de klas staan. Ook leren ze ICT-basisvaardigheden door met Powerpoint, Prezi of Keynote een presentatie te maken. Ondertussen werken ze aan 21e-eeuwse vaardigheden zoals samenwerken en creativiteit.

5 lessen
PITCH IT! sluit direct aan op de lespraktijk. De meeste scholen starten in groep 5 met spreekbeurten. PITCH IT! bereidt de leerlingen daar op voor. Maar ook in groep 6, 7 of 8 kun je het goed inzetten. Het lesmateriaal bestaat uit een projectboek, 5 digibordlessen voor de leerkracht en video-tutorials voor kinderen over werken met PowerPoint en Word.

Gratis beschikbaar
Alle digibordlessen zijn vanaf vandaag gratis beschikbaar op het LessonUp-leskanaal van FutureNL. De video-tutorials voor kinderen staan op het YouTube-kanaal van FutureNL. Dat PITCH IT! gratis is, is mede mogelijk gemaakt door onze partner Microsoft Nederland.

Aansluitende lespaketten
PITCH IT! is ook een perfecte voorbereiding op de twee ‘Ondernemen met je klas programma’s’ van Stichting Jong Ondernemen: Vakantie-eiland (groep 5-6) en Pop-up store (groep 7-8), waarin kinderen een businessidee ontwikkelen dat ze presenteren. Je kunt PITCH IT! bijvoorbeeld gebruiken als voorbereiding op de eindlandbaas-presentatie.

Psst
Heb je weinig tijd maar wil je wel alvast een snelle indruk van PITCH IT? Check dan dit filmpje van Klokhuis over een stand-in actor die jouw pitch kan houden als je te zenuwachtig bent. Een van onze favoriete onderdelen van het lesmateriaal 😉

Wist je dat…
… PITCH IT! het eerste lesmateriaal is dat gericht invulling geeft aan de nieuwe leerlijn ICT-basisvaardigheden dat per 2021 officieel in het curriculum van het Nederlands onderwijs komt? We hebben PITCH IT! ontwikkeld omdat we nu al zoveel mogelijk kinderen digitale skills willen leren om vol zelfvertrouwen de arbeidsmarkt op te gaan.

De mythe van onderwijsland Finland

Stichting FutureNL

Onderwijsland Finland
Met de hoogste scores voor taal, rekenen en science wordt Finland met afstand het beste onderwijsland van Europa genoemd. Kinderen hoeven pas vanaf 7 jaar naar school, minder uren in de schoolbanken en digitale geletterdheid volledig vakoverstijgend aangeboden wordt. Lange tijd wordt er met veel bewondering naar de succesformule gekeken. Gezien de resultaten lijkt dit terecht, maar is het onderwijs in Finland daadwerkelijk zo exemplarisch?

Want opvallend in het driejarige grootschalig internationale onderzoek door PISA (Programme for International Student Asessment) is dat Finland de laatste jaren links en rechts worden ingehaald door landen als Shanghai, Singapore, Hong Kong, Japan, Korea en Taiwan. Dat betekent niet dat Finland het nu slecht doet, maar interessant is het wel.

Even een paar algemene feiten op een rijtje:
– Alle leerkrachten hebben een universitaire (master) opleiding;
– Finland heeft een lager aantal les-uren per week;
– Kernvakken zoals taal en rekenen worden meer integraal aangeboden;
– Finland kent geen centrale examens maar wel toetsmomenten. Cijfers of punten zijn bij wet verboden. De toets is voor de docent een middel om de ontwikkeling van de leerling te meten. Leerlingen worden getoetst op wat ze kunnen, niet op wat ze niet kunnen.
– De leerkrachten hebben zelf de verantwoordelijkheid om een verantwoord curriculum te ontwikkelen, toetsen te ontwerpen en hun eigen onderwijs te evalueren en te verbeteren.

Tijd om zelf eens te gaan ervaren en te zien hoe Finland vorm geeft aan het onderwijs. Hoe geven zij multidisciplinair les en hoe hebben zij digitale vaardigheden geintegreerd in de klas? Hoe ziet dit eruit in de praktijk? Wat kunnen wij leren van de Finnen? Wij gaan met een georganiseerde studiereis van Nederland instituut voor studiereizen naar Finland.
Snowboots aan, muts op en wanten aan: Helsinki, here we come!


In Finland ga je gewoon op je skies naar school!

Nieuw Fins curriculum
Vanaf 2016 is er een nieuw curriculum ingevoerd. In het Finse curriculum heeft er een verschuiving plaats gevonden van vakgericht naar vaardigheidsgericht onderwijs. Onderdeel van het nieuwe curriculum is structureel aandacht voor ICT-basisvaardigheden. Het is geen nieuw vak, maar een onderdeel dat leerkrachten moeten toevoegen aan hun lessen. Hoe zie je dit terug in de klas?

“Wij hebben een vertaling gemaakt naar een module ‘robotica en programmeren’, maar dat kan op iedere school anders zijn.” aldus Anja Huurinainen-Kosunen (lector lerarenopleiding Universiteit Helsinki). “Het is ons streven om robotica en programmeren integraal en vakoverstijgend aan te bieden, maar voor de meeste collega’s is dat een flinke uitdaging.”

Op de vraag hoe ze inzichtelijk en meetbaar maken hoe de ontwikkeling van de leerlingen verloopt op het gebied van de digitale vaardigheden is Huurinainen kort. “We hebben geen specifieke leerdoelen of een leerlijn.”

Vrijheid blijheid?
Zo staat er in het curriculum het volgende beschreven over digitale vaardigheden: “De leerlingen brengen basis ICT-vaardigheden in de praktijk en leren hoe zij deze vaardigheden kunnen toepassen in het leren. Ook leren de studenten over gerelateerde kernbegrippen en over verschillende toepassingen van ICT in hun omgeving.” – National Core Curriculum For Basic education, 2014, Finnish National board of education, publications 2016-5, blz. 101 Daarnaast is er in het nieuwe curriculum (analyse in het Fins) in de verschillende vakken soms benoemd dat je digitaal lesmateriaal kunt gebruiken of ICT-vaardigheden kunt inzetten.

Een beschrijving die volledig naar eigen inzien geinterpreteerd kan worden door de alle basisscholen. Wat opvalt is dat ICT-basisvaardigheden nergens nader gedefinieerd wordt in tegenstelling tot Nederland. Daar gaan we uit van digitale geletterdheid bestaande uit vier pijlers, namelijk:
– Computational thinking
– ICT-basisvaardigheden
– Mediawijsheid
– Informatievaardigheden

De eigen interpretatie wordt ook zichtbaar wanneer we verschillende basisscholen bezoeken. De curriculumwijziging lijkt hierdoor bijna beleidsmatig, waarbij het daadwerkelijk implementeren en waarborgen niet de aandacht krijgt die het nodig lijkt te hebben.

Zo benoemen de leerkrachten een aantal aspecten ten aanzien van het implementeren van digitale vaardigheden in de klas:
– De scholen hebben (nog) geen leerlijnen met leerdoelen;
– De scholen hebben geen duidelijke selectiecriteria met betrekking tot materiaal wat zij inzetten;
– De focus ligt voornamelijk op het maken van algoritmes in de verschillende vakken (‘instructies’ volgens de Finnen);
– Op dit moment wordt er vorm gegeven aan digitale geletterdheid als onderdeel van de lerarenopleiding;
– De overheid ontwikkelt een scholingsprogramma en wil dat er binnen een aantal jaar op iedere school een ‘expert’ rondloopt op het gebied van digitale geletterheid. Dit is nog niet concreet gemaakt.

Missen van expertise
De leerkrachten die we spreken geven aan dat er expertise mist om daadwerkelijk op een constructieve manier aan de slag te gaan met het aanbieden van digitale vaardigheden. Volgens Sarah Loikkanen (leerkracht en ICT-coördinator op de Muijala Koulu basisschool) is het lastig collega’s te enthousiasmeren. “Er is veel weerstand en er mist zelfvertrouwen. Toch heb ik er vertrouwen in als we het stap voor stap doen.”
Er blijkt een concrete overkoepelende koersbepaling van de vaardigheden te missen die de kinderen zouden moeten beheersen aan het einde van hun schoolcarriére. Door de verschillende vertalingen van de ICT-vaardigheden in het Finse curriculum, in zowel vorm als inhoud, ontstaan er grote verschillen in het beheersen en toepassen van ICT-vaardigheden tussen de kinderen. Sarah en een aantal andere leerkrachten uit de stad komen een paar keer per jaar bijeen (op eigen initiatief) om te praten en tips uit te wisselen over ICT-basisvaardigheden. Afhankelijk van het enthousiasme en de intrinsieke motivatie van de leerkrachten krijgt dit onderwijs vorm voor Finse kinderen.

Gelukkig zijn we gelukkig!
Uit onderzoek blijkt dat de leerlingen in Finland niet gelukkig zijn. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat de leerlingen in Nederland tot de gelukkigste behoren. Het onderwijs in Nederland scoort weliswaar lager dan dat van Finland, maar is nog altijd goed.

Wij mogen best trots zijn op het onderwijs in Nederland. We moeten ons zeker niet laten ontmoedigen door de succesbubbel die in Finland gecreërd wordt. Het multidisciplinair en integraal werken is absoluut inspirerend. Zeker ten aanzien van het structureel aanbieden van digitale vaardigheden in de klas. Als middel, als versterking van andere vakken. Daarentegen heeft Finland met precies dezelfde uitdagingen en hindernissen te maken en loopt Nederland voorop in het steeds meer continueren van digitale vaardigheden in de klas. Op naar alle kinderen digitaal vaardig!

Ronilla Snellen & Jenya Krul

Pieter Zwart treedt toe tot Raad van Advies FutureNL

Stichting FutureNL

Sinds de oprichting heeft Stichting FutureNL al een heel aantal memorabele resultaten weten te boeken, waar we met z’n allen best trots op zijn. De succesvol afgesloten wereldrecordpoging programmeren in de OBA in Amsterdam, samen met ZKH Prins Constantijn van Oranje-Nassau, een landelijke campagne “Expeditie micro:bit”, waarbij wij vele duizenden leerlingen op hun basisschool voorzien hebben van een micro:bit, en een bijdrage aan het laatste regeerakkoord, zijn maar een paar voorbeelden.

Stichting FutureNL gelooft dat alle Nederlandse kinderen nu digitale vaardigheden moeten ontwikkelen om later maximaal in een digitale wereld te kunnen functioneren. Wij richten ons hierbij primair op de basisscholen en de PABO’s, omdat hier de nood het hoogst is. We maken lesmateriaal voor de scholen en verzorgen workshops voor leerkrachten en PABO’s om hen zo goed mogelijk in staat te stellen, basisschoolkinderen deze broodnodige kennis mee te geven.

Hier komt veel bij kijken. Zo werken wij nauw samen met alle betrokken overheidsorganisaties, om ons doel te bewerkstelligen. Alleen kunnen we niets, samen kunnen we alles. Ook de samenwerking met het bedrijfsleven is heel belangrijk, omdat innovatieve tech-bedrijven, voorop lopen in de adoptie van nieuwe technieken en een beeld hebben bij welke vaardigheden belangrijk worden in de toekomst.

Met gepaste trots kondigen wij aan dat Pieter Zwart, CEO en oprichter van Coolblue, zal toetreden tot de Raad van Advies van Stichting FutureNL. Pieter is een van Nederlands meest succesvolle e-commerce ondernemers allertijden, en heeft een heldere mening die hij altijd goed weet te funderen. Voor ons als oprichters van stichting FutureNL, is het geweldig om mensen als Pieter te kunnen benaderen om ideeën te toetsen.

De Raad van Advies van FutureNL bestaat daarmee uit ZKH Prins Constantijn van Oranje, Janneke Niessen, en Anka Mulder, met Neelie Kroes als Special Ambassador, en zal vanaf 1 maart 2018 worden uitgebreid met Pieter Zwart.

Welkom Pieter!

Steven Schuurman
Ronilla Snellen
Founders Stichting FutureNL

6 stappen naar een digitaal vaardige klas!

Iris Muis
Iris Muis Programma manager workshops FutureNL

Je hebt het waarschijnlijk al wel vaker gehoord: de wereld om ons heen verandert en wordt steeds digitaler. We moeten de kinderen van nu voorbereiden op de wereld van de toekomst, waarin steeds meer gebruik wordt gemaakt van technologie. Zij zullen banen gaan vervullen die nu nog niet bestaan en waar we nog geen idee van hebben! Daarom is het belangrijk dat het onderwijs ze daarop voorbereidt.

Maar hoe doe je dat dan?!

Deze stappen helpen je op weg bij het uitvinden wat er allemaal mogelijk is en waar jij kan beginnen om jouw leerlingen digitaal vaardig te maken.

1. Ontdek

Oriënteer jezelf op het lesmateriaal over digitale geletterdheid dat al beschikbaar is voor leerkrachten online!

Kijk bijvoorbeeld op ons gratis platform, waar we zoveel mogelijk van het Nederlandse lesmateriaal over computational thinking hebben verzameld en op één plek bij elkaar gebracht. Dit is de link naar het platform.

Je kunt daar allerlei verschillende soorten lessen vinden: met en zonder computer, lessen gebaseerd op zelfontdekkend leren en gerichte instructie, en lessen gebaseerd op Scratch. Je vindt er ook een overzicht van boeken en robots die je eventueel kunt aanschaffen om je te ondersteunen.

Er zijn nog veel meer andere handige websites waar goed materiaal te vinden is, zoals deze website over Scratch. Heb je liever een tijdschrift in plaats van een website? Bestel of leen dan de Digi Kidsweek. Deze is in de eerste week van december 2017 naar alle scholen in Nederland verzonden. Link hier.

2. Ervaar

Denk jij nu: maar ik ben zelf helemaal niet zo goed met computers en dat soort dingen? Geen nood!

Om te ervaren hoe een les in programmeren gaat, kun je een gratis CodeUur aanvragen. Je wordt gekoppeld aan een enthousiaste vrijwilliger uit het bedrijfsleven, die in jouw klas een les komt geven. De vrijwilliger is getraind door ons en je hoeft zelf niets voor te bereiden! Vraag gratis een CodeUur aan op deze pagina.

Probeer daarna zelf eens een lesje uit, en je zult zien dat het niet zo moeilijk is als je dacht. Klik op ons platform op jouw klas, bijvoorbeeld groep 7/8, en je zult allemaal verschillende lessen en lesplannen zien. Start een les die jou aanspreekt en doe de les zelf. Wie weet vind je dit hartstikke leuk en gaat het heel goed!

Lezen jouw leerlingen vaak de Donald Duck en heb je groep 7/8? Bekijk dan deze les voor groep 7/8 over programmeren en taal met Donald Duck.

3. Experimenteer

Geef eens een les in jouw eigen klas!

Kies hiervoor een les uit die past bij jouw groep: begin makkelijk en met een onderwerp dat je leerlingen leuk vinden. Het minste werk is een lesplan volgen van ons platform. Dit is een kant en klaar plan speciaal voor leerkrachten, waarin alle uitleg, materialen en presentaties voor het digibord al klaar staan. De lesplannen bestaan meestal uit 5 lessen, die makkelijk beginnen en steeds moeilijker worden.

Heb jij bijvoorbeeld groep 5/6 en vinden jouw leerlingen robots cool? Gebruik dan dit lesplan voor groep 5/6 over robots.

4. Steuntje in de rug

Vind je het nog lastig? Zou je je ervaringen graag uit willen wisselen met andere leerkrachten? Wij bieden gratis workshops aan voor leerkrachten, waarin we jou een steuntje in de rug geven!

Tijdens een kennismakingsworkshop van 2 uur ontdek je wat digitale geletterdheid nou eigenlijk precies is. Je kunt verschillende producten, zoals robots, uitproberen en bedenken of dat iets is wat jou zou kunnen helpen bij het lesgeven. Je praat met andere leerkrachten en helpt elkaar.

Voor leerkrachten die al wat verder zijn, is er een professionaliseringstraject van 4 workshops. Hierbij gaan we dieper in op de specifieke leerdoelen van de leerlijn die bij digitale geletterdheid horen en kan je na elke workshop een les in jouw klas geven over een bepaald thema. Ook leer je werken met coole hulpmiddelen zoals de micro:bit. Je denkt tenslotte na over structurele inbedding van digitale geletterdheid in jouw lesprogramma.

Kijk voor een gratis workshop in jouw buurt op onze website en schrijf je in!

5. Maak het structureel

Een lesje hier en een lesje daar is natuurlijk leuk. Maar je wilt uiteindelijk dat jouw klas van school afgaat als digitaal vaardige mensen, klaar om de digitale wereld te veroveren!

Dit kun je alleen maar bereiken door digitale geletterdheid structureel in te bedden in jouw lesprogramma. Je zorgt dat je leerlingen alle leerdoelen bereiken door te werken met een leerlijn. Een link naar onze leerlijn computational thinking vind je hier.

De leerlijnen van de 3 andere pijlers van digitale geletterdheid: mediawijsheid, ICT-basisvaardigheden en informatievaardigheid, volgen zo snel mogelijk in 2018.

Praat hierover met jouw schoolleider en je collega’s. Hoeveel lestijd mag jij besteden aan digitale geletterdheid per week? Kun je misschien een koppeling maken met andere vakken, zoals taal of wereldoriëntatie? En spreken jullie af om allemaal dezelfde leerlijn te gebruiken?

Inbedding van nieuwe dingen kost tijd: doe het stapje voor stapje en in goed overleg. Samen en met geduld kom je het verst!

6. Heb plezier!

Tenslotte: heb vooral veel plezier als je hiermee aan de slag gaat. Digitale vaardigheid is leuk! Er zijn zoveel creatieve en leuke manieren om deze vaardigheden onder de knie te krijgen.

Er is geen goed of fout, laat je leerlingen digitale geletterdheid ontdekken. Het kan zomaar gebeuren dat een leerling jou voorbijstreeft en dat is juist geweldig. Laat het idee los dat je altijd een paar stappen voor wil zijn op je leerlingen. Deze ontdekkingsreis ga je samen aan met de klas: als je zelf even iets niet weet is dat oké!

Succes op deze inspirerende ontdekkingsreis!

Ze zeggen meneer tegen mij…..hoe agile kan dat zijn?

Ze zeggen meneer tegen mij…..hoe agile kan dat zijn?
Gastdocent Piet Vonk

Meneer, kunt u even helpen……., dat was een veelgehoorde vraag afgelopen vrijdagmiddag. Ik mocht ‘expeditie micro:bit’ introduceren op de OBS de Weesboom. Hierbij krijgt elk tweetal leerlingen een Digi-klooikoffer om mee te kl…. klooien, inderdaad. Met die klooikoffer kunnen leerlingen leren programmeren met de micro:bit, een superleuke kleine computer.
De 37 leerlingen van groep 6, 7 en 8 van de Openbare BasisSchool ‘De Weesboom’ in Amersfoort zijn leuk aan de slag geweest. De computers staan door de school verspreid en dus de kids ook. Tijdens het helpen en vragen beantwoorden, heb ik wel de hele school gezien, nou ja, gezien…. pffff…..

Bij de introductie in de klas kwamen al snel wat vragen: “Kun je ook hacken?”, “Weet jij alles van de computer?”, “Mogen we vaker op de computer?”, etc.

‘In de eerste les maak je kennis met de materialen en hoe je moet programmeren. Aan het eind van deze les kun je al teksten op de micro:bit laten zien, elektronisch dobbelen of een bots meter programmeren. Later kun je aan de slag met geluid, een serie lichtjes of het kompas.’
Ik had mijn Mirco:bit al geprogrammeerd als naamkaartje en dobbelsteen en dat wilden ze allemaal wel. Cool.

De materialen zijn heel bewust voor tweetallen, zodat er moet worden samengewerkt en de kids ook van elkaar kunnen leren en elkaar kunnen helpen. De materialen en het lesboekje zijn in principe voldoende voor de kids om zelf aan de slag te kunnen. Zelfwerkzaam met de docent als coach en begeleider.
Een aantal Agile beginselen worden hier dus al toegepast; kleine teams, die zelf-organiserend in een uurtje een duidelijk resultaat hebben bereikt.

Ik vond het leuk om juf Carla te helpen met deze les. Ik vind het heel knap hoe zij en haar collega’s elke dag weer zorgen dat ‘onze’ kinderen opgeleid worden. Respect!
Juf hield deze grote groep goed in hand. Als zij haar hand opstak en aftelde 5, 4, 3, ….. dan was iedereen stil bij de 1. En bij vragen werd netjes op de beurt gewacht.

Ik heb weer genoten van deze blik in basisschool en weet je wat, ik mag volgende week weer komen helpen. Misschien zeggen ze dan meester Piet, want juf en meester zijn nog steeds de betrouwbare peilers voor deze kanjers.

Deze onderzoeker vindt dat ieder kind moet programmeren | Correspondent

Johannes Visser | De correspondent
Dit schooljaar schrijf ik over onderwijstechnologie. Momenteel ben ik bezig met een groot verhaal over programmeeronderwijs. Daarvoor spreek ik verschillende deskundigen, belanghebbenden en betrokkenen.

Het gesprek dat ik met universitair docent Felienne Hermans had, deel ik graag met jullie. De onderzoeker kijkt aan de TU Delft naar programmeeronderwijs voor basisschoolkinderen. Ook maakte zij een leerlijn programmeren voor het basisonderwijs.

Het belang van leren programmeren
Waarom vind je het belangrijk dat kinderen leren programmeren?
‘Daar heb ik drie redenen voor: de arbeidsmarkt, burgerschap en creativiteit.’

‘Niet iedereen hoeft programmeur te worden, maar steeds meer mensen krijgen in hun werk te maken met data-analyse. Een monteur draaide vroeger schroefjes aan, maar nu kom je met je auto bij de garage en doet de monteur eerst een software-update.’

‘Ook wil je dat kinderen mee kunnen praten over het nieuws. Het nieuws is één groot softwarebulletin: Russische hackers in Amerika, Airbnb. Om mee te praten moeten kinderen iets van de context snappen.’

‘Meisjes van een jaar of acht, negen, zeggen al: ik denk niet dat ik kan programmeren’
‘En programmeren is een manier om je te uiten. Een paar jaar geleden maakte een vader een game toen hij zijn kind verloor aan kanker. In het spel moet je steeds kiezen: nog een keer chemo? Een nieuw apparaat proberen? Het interessante is: wat je ook kiest, het kind gaat toch dood. Je kan iets ‘van je af’ programmeren.’

Maar waarom moet dat al in het basisonderwijs?
‘Hoe later kinderen in aanraking komen met computers, hoe meer ze het idee krijgen: dit is niets voor mij. Veel kinderen van lage socio-economische afkomst hebben geen computer , of geen computer met internet thuis. Ook weten we uit onderzoek dat meisjes op heel jonge leeftijd al vooroordelen over hun eigen prestaties ontwikkelen. Meisjes van een jaar of acht, negen, zeggen al: ik denk niet dat ik kan programmeren.’

Vooral om emancipatoire redenen dus? Dan zou je kunnen zeggen: als ieder kind in het voortgezet onderwijs ermee in aanraking komt, hoef je dat in het basisonderwijs niet te doen.
‘Het is belangrijk dat het voor alle kinderen is. Als je het in de brugklas aanbiedt, heb je een groot gedeelte van de problemen opgelost. Maar dan moet je het ook op vmbo en havo aanbieden, niet alleen op het vwo. En dat wil ook niet zeggen dat je in het basisonderwijs helemaal niets meer moet doen: je hebt nog steeds die problematiek van jonge meisjes die denken dat programmeren niets voor hen is.’

Wat voor onderzoek doet u?
‘Mijn onderzoek gaat over welke methodes we kunnen gebruiken om lessen in programmeren effectiever te maken.’

‘We weten nog heel weinig.
Lees hier over het onderzoek naar programmeervaardigheden bij kinderen. Uit een van de onderzoeken die we hebben gedaan, blijkt dat kinderen tussen de elf en twaalf opeens significant beter kunnen programmeren. Na hun twaalfde kunnen kinderen opeens een stuk logischer redeneren.’

‘Als je kinderen in het basisonderwijs dus wilt leren programmeren, of: computational thinking wilt aanleren, moet je je goed realiseren dat je het concreet moet houden. Bijvoorbeeld: leg deze dierenplaatjes op volgorde.’

‘In een andere studie laten we zien dat je kinderen niet onmiddellijk achter de computer moet zetten. Het is beter om ze oefeningen te laten maken op papier en concepten uit te leggen. Een computer is gaaf, maar kinderen verdrinken dan in de mogelijkheden.’

‘Kortom, ik zou graag willen zeggen dat we weten wat het beste is voor alle kinderen, maar dat weten we gewoon nog niet.’

Waarom heb je dan toch een leerlijn programmeren ontwikkeld voor kinderen van groep één tot en met acht?
‘Het antwoord is simpel: leerkrachten hebben er behoefte aan. Als we naar scholen gingen, bleven leerkrachten maar zeggen: ‘Leuk, maar wat leren kinderen hier nu van?’ Veel lesmateriaal wordt gemaakt door nerds die het leuk vinden om te programmeren, maar die denken niet na over wat de leerdoelen zijn. Leerkrachten willen weten wat het doel is.’

Maar je weet toch niet of deze lessen tot dat leerdoel leiden? Er is geen onderzoek naar gedaan.
‘Niks doen is ook geen optie. De leerlijn is een voorzet. Voor kleuters is die motorisch: pakken, voelen en ervaren. Groep 4 en 5 krijgen heel concrete dingen te doen. Als een leerkracht zegt: ik heb het geprobeerd met groep 5 en het liep niet lekker, moet de les misschien naar groep 6 of 7. We hopen dat leerkrachten ons van feedback gaan voorzien.’

Ben je niet bang dat het kinderen afschrikt als je programmeren zo ‘schools’ maakt?
‘Dat geldt voor alles! Kinderen willen in groep 2 supergraag leren schrijven. Dat vinden ze een eer: iedereen kan schrijven, en dan horen ze erbij. Dan wordt het heel schools gemaakt in groep 3 en is het niet meer leuk.’

‘Het alternatief is een mythe, die van het ‘zelf leren.’ Dat is een privilege. Je kan het jezelf alleen aanleren als je een computer hebt en je ouders je de ruimte geven daarmee aan de slag te gaan. Dus ja, het risico van ‘schools’ aanbieden is dat het kinderen afschrikt, maar het zorgt wel voor gelijke kansen.’

Hoogleraar computerwetenschappen Peter Sloot zei vorige week tegen me dat het onzin is om kinderen te leren programmeren. Je zou veel beter puzzels met ze kunnen doen om ze te leren complexe problemen op te lossen. Wat vind je daarvan?
‘Programmeren is meer dan computational thinking. Ik kan een programma maken dat willekeurige noten speelt of willekeurige woordjes voor me uitkiest. Dan kan ik de computer vragen om melodieën te maken die zo min mogelijk op elkaar lijken of drie woorden die geen letter met elkaar gemeen hebben, zoiets geks. Na wat spelen heb je dan misschien een mooie melodie of een mooi gedicht! Daar heb je helemaal geen computational thinking skills voor nodig, maar het levert iets moois op wat niet zo makkelijk zonder computer te maken is. Dat creatieve proces dat gun ik ieder kind.’

‘Het is ook relevant dat er in de afgelopen decennia nog maar bar weinig is veranderd aan programmeertalen. De eerste programmeertaal voor kinderen werd in 1967 gemaakt en bevat in grote lijnen dezelfde bouwblokken als huidige programmeertalen. Ongetwijfeld riepen de Peter Sloots van de jaren zestig dat de vaardigheden die leerlingen met de programmeertaal Logo opdeden later niet meer zo zinnig zouden zijn. De leerlingen van toen zijn nu bijna aan hun pensioen toe.’

Lees hier het artikel op de website van de Correspondent.

45.000 kinderen van de basisschool gaan op expeditie micro:bit

45.000 kinderen van de basisschool gaan op expeditie micro:bit

Amsterdam, 15 september 2017 – Op 29 september starten duizenden kinderen uit groep 6, 7 en 8 in het hele land aan expeditie micro:bit. Na het verbreken van het Wereldrecord programmeren in 2016 lanceert Stichting FutureNL een nieuwe actie om Nederlandse kinderen en leerkrachten te enthousiasmeren voor interactie met technologie.

Expeditie micro:bit
Expeditie micro:bit is een te gek avontuur voor zowel leerlingen als leerkrachten in het basisonderwijs.
Iedere deelnemende school krijgt 20 Digi-klooikoffers, inclusief 20 micro:bits cadeau! Op 29 september starten alle 474 scholen aan expeditie micro:bit.
De leerlingen volgen in de weken daarna een tiental lessen om spelenderwijs te leren programmeren met de micro:bit. De grote finale vindt plaats in de Europese CodeWeek op vrijdag 13 oktober 2017.
De micro:bit is een klein microcontroller-board ontwikkeld door de BBC in Engeland. In 2015 hebben alle kinderen van 11 en 12 jaar in Engeland een micro:bit cadeau gekregen van de overheid.

Digitale vaardigheden op de basisschool
Stichting FutureNL heeft als ambitie om digitale vaardigheden structureel in alle groepen van de basisschool te onderwijzen en hierbij fors te faciliteren.
In samenwerking met TU Delft is de leerlijn digitale geletterdheid ontwikkeld en in rap tempo wordt nu lesmateriaal ontwikkeld en online gratis beschikbaar gesteld door Stichting FutureNL.
In tegenstelling tot landen als Groot-Brittannië, Tsjechië, Polen, Portugal en Griekenland maakt digitale geletterdheid in Nederland geen verplicht onderdeel uit van het curriculum in het onderwijs.
Een ontwikkeling die de concurrentiepositie van Nederland met een kenniseconomie in gevaar kan brengen.
Hoog tijd dat ook Nederlandse kinderen de juiste tools aangereikt krijgen om digitale vaardigheden te ontwikkelen.

ZKH Prins Constantijn van Oranje, Raad van Advies van Stichting FutureNL: “Onze kinderen moeten niet alleen gebruikers, maar ook makers van digitale technologie worden.
Dit is niet alleen van groot belang voor hun persoonlijke ontwikkeling en hun kansen op de arbeidsmarkt.
Het is ook wezenlijk voor de innovatie- en concurrentiekracht van Nederland. Daarom moet programmeren meer prioriteit krijgen in het primair- en voortgezet onderwijs.”

Bedrijfsleven
Om alle kinderen uit de bovenbouw van het basisonderwijs zonder kosten te kunnen laten participeren aan expeditie micro:bit is Stichting FutureNL volledig afhankelijk van donaties.
Aan de oproep van de Stichting aan het bedrijfsleven om te doneren is breed gehoor gegeven. Grote (ICT-)bedrijven onderschrijven de visie van FutureNL om kinderen al in een vroeg stadium digitale vaardigheden te leren. Microsoft, Accenture, SIDN Fonds, Calco, Salesforce, Topdesk, Prowareness, Fox-IT, Aenova, Eurofiber, CA ICT, ING en Nationale Nederlanden zijn slechts enkele bedrijven die gedoneerd hebben voor expeditie micro:bit.

Over Stichting FutureNL
Stichting FutureNL is een initiatief van bevlogen mensen die de toekomst van de kinderen in Nederland voor ogen heeft en daarvoor wil investeren in passend onderwijs.
Samen met de Raad van Advies, bestaande uit Constantijn van Oranje, Janneke Niessen, Anka Mulder, Julie de Widt-Bakker en Ruben Nieuwenhuis zet de stichting
zich in voor digitale geletterdheid in het Nederlandse basisonderwijs.

Stichting FutureNL ziet een kloof tussen de digitale ontwikkeling van Nederlandse kinderen en de (toekomstige) vraag vanuit de maatschappij naar passende digitale vaardigheden
en is daarom in samenwerking met TU Delft, de PO raad, SLO en O2G2 een leerlijn digitale geletterdheid aan het ontwikkelen.
In een digitale economie is het van cruciaal belang dat Nederlandse kinderen digitale vaardigheden ontwikkelen om hen een breed perspectief te bieden op de banenmarkt van morgen.